Sunday, December 04, 2005

Explonsief vol. 15


EEN VRAAGSTUK


De vorige keer heb ik jullie een antwoord beloofd op de vraag: "mogen mannelijke zwemmers make-up dragen tijdens de webstrijd?" Welnu, dit antwoord hangt af van een aantal factoren dat niet lichtinnig ter zijde geschoven kan worden. Ermee samenhangend is het vraagstuk: "mogen mannen zingend en scanderend, verkleed als vrouwen, in brandbare synthetische niemendalletjes op een houtvlot een estafette volbrengen?" En ook: "mogen mannen zich voordoen als stoere waterpolo-ers terwijl ze dat eigelijk niet zijn?" Kijk, als we met z'n allen éven die beslagen zwembril afzetten, éven die pizzapasta opzij zetten, éven stoppen met het wekelijkse Streknekken in de Landman en éven de moeite opbrengen analytisch te kijken naar deze kwesties, dan ziet een ieder al gauw het gemeenschappelijke antwoord op deze vragen: "Ja, mits…" Mooi woord, hè: "mits". Het woordenboek zegt hierover:

Mits, vgw. (op voorwaarde dat): ik zal het door de vingers zien, - je het nooit weer doet; zelfst. gebruikt: er is een – bij, voorwaarde; Opm.: - is geen vz.; fout is dus: wij staan dat toe, - betaling binnen 8 dagen.

Het antwoord luidt dus: "Ja, mits zij de overkant halen" of "Ja, mits ze wel écht een dubbele zwembroek dragen" Of – nog beter: "Ja, mits zij ten alle tijden ZICHZELF blijven." Want daar draait het toch allemaal om bij ons gezellige clubje: we moeten we onszelf wel altijd een dikke pakkerd in de spiegel kunnen blijven geven, nietwaar?
En toch twijfel ik over de make-up kwestie. Mogen we écht allemaal ongelimiteerd als opgetufte paradijsvogels aan de start verschijnen? Is er binnen de KNZB hierover geen regelgeving geformuleerd? Laat mij mijn twijfel uitleggen. Het komt allemaal doordat ik als puber nooit in de gelegenheid ben geweest deze prangende vraag te stellen aan FRANK BOEIJEN. En dat terwijl iedereen bij Plons weet hoe graag ik Frank deze vraag had willen stellen… ("Wat vind jij van make-up voor jongens, Frank?") Niet dat ik niet in de gelegenheid was Frank Boeijen vragen te stellen, want dat was ik wél (o vreugd, o hoorngeschal) maar helaas was de tijd van het schoolkrantinterview in de vochtige kelder in een sporthal in Dronten alweer voorbij en moest ik samen met mijn jeugdvriendinnetje en haar moeder terug naar huis. En dat terwijl iedereen bij Plons weet hoe graag ik die avond heel andere dingen gedaan had – met Frank. Dus, hypothetisch: wat zou Frank geantwoord hebben, mits ik die bewuste avond wél in de gelegenheid was geweest?
'Mag ik nog één vraag stellen, Frank?'
'Jah hoor, vraagh maarh.'
'Mogen mannelijke zwemmers make-up dragen tijdens de wedstrijd?'
'Vraagh je dat aan mij?'
'Euh…ja?'
'Nou, moghen vrouwelijke zwemmers roken tijdens het douchen?'
'Euh…kweetniet?'
'Natuurlijk magh dat! Denk nie wi, denk nie zwar, denk nie zwar-wi, maarh in de kleurh van je harh'
'Euh…de kleur van je haar?'
'Nee jôh, de kleur van je harh-ut!'
'Euh… OK. Bedankt voor het interview.'

'Jah, jij ook bedangh-ut.'
Ik bedoel maar. De kleur van je hart. Natuurlijk.

De volgende keer in HILDERTSCHILDERT nieuwe ontboezemingen van het oorlogsfront, uit de Loopgraven in de Landman. Kaboem, ik kijk er nu al naar uit!

0 Mad Hatters:

Post a Comment

<< Home